Er valt een hevige middagregen langs de rivier.
In de verte een uitgestrekt veld waar zilverreigers vliegen.
Waar zijn de zorgen en angsten gebleven?
De figuur verdwijnt in de verte op de boot van de tijd.
Op de bergen valt regen.
Het geluid van gongs galmde 's nachts door het bosdorp.
Het vuur laaide nog heviger op.
Een slaapliedje wiegt je in de winter in een vredige slaap.
Het regent uit de lucht.
Vanuit het huis aan de straat, kijkend de weg af.
Het is alsof er een nagalm van verdriet blijft hangen.
De oude plek, het steegje, roept nog steeds veel mooie herinneringen op.
Welke regen maakt de kleren van mijn geliefde nat?
Behoudt haar sierlijke figuur nog steeds de charmante schoonheid van de lente?
De druppels vallen zachtjes, een weemoedig geluid.
Achter het raam, wie heeft daar al die tijd op gewacht en naar verlangd!
BUI VAN TAO
![]() |
Gepubliceerd op: 06:55, 21 oktober 2023
Bron










