
Het ChatGPT-chatbotpictogram van OpenAI Company. Foto: AFP/TTXVN
Hoewel er honderden miljarden dollars zijn geïnvesteerd in datacenters, processorchips en geavanceerde AI-modellen, zijn economen er nog steeds niet zeker van of deze enorme investeringen de verwachte productiviteitsrevolutie zullen teweegbrengen.
De wereldwijde investeringen in AI zullen naar verwachting in 2026 oplopen tot ongeveer 750 miljard dollar. Dit bedrag omvat de kosten voor de bouw van grootschalige datacenters, de ontwikkeling van nieuwe AI-modellen, de productie van halfgeleiderchips en de uitbreiding van de stroomvoorzieningscapaciteit ter ondersteuning van de AI-industrie.
Volgens analisten is de huidige omvang van de investeringen alleen vergelijkbaar met de internetboom van de jaren negentig. Florence Pisani, hoofdeconoom bij vermogensbeheerder Candriam, zei dat AI alleen al bijna één procentpunt bijdraagt aan de Amerikaanse economische groei dit jaar, hoewel de werkelijke impact lager ligt omdat een groot deel van de apparatuur en componenten uit Azië wordt geïmporteerd.
Société Générale schat dat investeringen in AI in 2026 ongeveer 0,4 procentpunt kunnen bijdragen aan de wereldwijde economische groei. Volgens experts is dit een van de factoren die de wereldeconomie helpen haar veerkracht te behouden tegen recente schokken, zoals de spanningen in het Midden-Oosten of de nieuwe Amerikaanse importheffingen.
Naast de impact op de huidige groei, ontwikkelt AI zich tot een belangrijke drijvende kracht op de financiële markten. Beleggers op Wall Street verwachten dat de winsten van bedrijven die chips produceren, datacenters bouwen en AI-infrastructuur leveren, de komende jaren zullen blijven stijgen.
De grootste vraag blijft echter of AI daadwerkelijk een sprong voorwaarts zal maken in de arbeidsproductiviteit, zoals het internet dat deed. Huidig onderzoek levert nog steeds zeer uiteenlopende conclusies op.
In 2024 veroorzaakte econoom Daron Acemoglu, die later de Nobelprijs voor Economie zou winnen, controverse door te suggereren dat de impact van AI op de productiviteit in de komende tien jaar beperkt zou kunnen zijn. Het Brookings Institute in de VS voorspelde daarentegen dat AI de arbeidsproductiviteit gedurende een decennium met gemiddeld 1,8% per jaar zou kunnen verhogen, een impact die vergelijkbaar is met die van het internet aan het einde van de vorige eeuw.
Volgens experts zijn de economische voordelen van AI nog niet duidelijk, omdat de technologie zich nog in een vroeg stadium van toepassing bevindt. Arthur Mensch, CEO van het Franse AI-bedrijf Mistral, is ervan overtuigd dat AI de manier waarop softwareontwikkelaars werken ingrijpend heeft veranderd.
Volgens hem beschrijven veel programmeurs tegenwoordig, in plaats van direct code te schrijven, simpelweg de vereisten waaraan AI moet voldoen om het grootste deel van het werk te doen. Dit kan een individu helpen taken vele malen sneller af te ronden. Naarmate organisaties echter groter worden, vormen problemen met interne coördinatie, managementprocessen en organisatiestructuur obstakels die ervoor zorgen dat de productiviteitsvoordelen niet direct merkbaar zijn.
Met andere woorden: AI kan aanzienlijke veranderingen teweegbrengen op individueel niveau, maar het duurt langer voordat dit zich vertaalt in economische voordelen op bedrijfs- of wereldeconomieniveau.
Zelfs in de VS, wereldleider op het gebied van AI, bevindt de toepassing van deze technologie zich nog grotendeels in de experimentele fase. Ongeveer 71% van de Amerikaanse bedrijven gaf aan de afgelopen zes maanden minstens één keer AI te hebben gebruikt. De meeste bedrijven hebben het echter slechts voor een beperkt aantal taken ingezet. Slechts 7% van de bedrijven meldde dat ze AI op grote schaal in hun bedrijfsvoering gebruiken.
Niettemin zijn er in sommige beroepen aanzienlijke veranderingen gaande, met name in softwareprogrammering, vertaling, digitale contentproductie en videoproductie.
Recente signalen wijzen erop dat de economische impact van AI een nieuwe fase ingaat. Eind mei publiceerde de Federal Reserve Bank van San Francisco onderzoek waarin de huidige ontwikkeling van AI werd vergeleken met de beginperiode van de wijdverspreide internettoegang eind jaren negentig.
De resultaten tonen aan dat de huidige impact van AI op de Amerikaanse economie vergelijkbaar is met de positie die het internet innam in 1997, vlak voordat de technologie ingrijpende veranderingen teweegbracht in de productie en bedrijfsvoering.
De auteurs van de studie menen dat er reden is voor voorzichtig optimisme over de Amerikaanse economie, die dankzij AI een periode van sterkere en duurzamere productiviteitsgroei tegemoet gaat. Volgens Le Monde is het echter nog te vroeg om te zeggen of AI een technologische revolutie zal worden van dezelfde omvang als het internet of de stoommachine. De enige zekerheid is dat de wereld getuigt van een ongekende investeringsgolf, terwijl de economische gevolgen van deze technologie op de lange termijn nog moeten blijken.
Volgens VNA
Bron: https://baoangiang.com.vn/ai-va-canh-bac-dau-tu-lon-nhat-thap-ky-a488206.html










