De regering heeft zojuist decreet nr. 29/2023/ND-CP van 3 juni 2023 uitgevaardigd, waarin de personeelsreductie wordt geregeld. Dit decreet treedt in werking op 20 juli 2023. De in dit decreet vastgelegde beleidsmaatregelen en voorschriften zijn van toepassing tot en met 31 december 2030.
Doelgroepen voor de implementatie van het beleid inzake personeelsreductie.
Het decreet bepaalt dat de volgende groepen onderworpen zijn aan het inkrimpingsbeleid:
1. Ambtenaren, overheidsfunctionarissen en ambtenaren op gemeentelijk niveau; ambtenaren en overheidsfunctionarissen op gemeentelijk niveau; en personen die in dienst zijn van overheidsinstanties met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, zijn onderworpen aan dezelfde regels en beleidsmaatregelen als ambtenaren, zoals voorgeschreven door de overheid, indien zij in een van de volgende gevallen vallen:
a) Overtollig personeel als gevolg van de herziening en reorganisatie van de organisatiestructuur en het personeel overeenkomstig het besluit van de bevoegde autoriteit, of overtollig personeel als gevolg van de reorganisatie van de organisatiestructuur en het personeel door publieke non-profitinstellingen om het autonome mechanisme te implementeren;
b) Overtollige functies als gevolg van de reorganisatie van administratieve eenheden op districts- en gemeentelijk niveau overeenkomstig besluiten van de bevoegde autoriteiten;
c) Ontslagen als gevolg van de herstructurering van kaders, ambtenaren en overheidsmedewerkers op basis van functies, maar waarbij het niet mogelijk is hen een andere functie toe te wijzen, of waarbij het wel mogelijk is hen een andere functie toe te wijzen, maar de betreffende persoon er vrijwillig voor kiest het personeelsbestand te verminderen en dit wordt goedgekeurd door het agentschap, de organisatie of de eenheid die hen direct aanstuurt;
d) Niet voldoen aan de vereiste professionele en technische opleidingsnormen voor de functie die zij momenteel bekleden, maar er is geen andere geschikte functie beschikbaar en omscholing om hun professionele en technische vaardigheden te standaardiseren is niet haalbaar; of het agentschap heeft hen een andere functie toegewezen, maar de persoon kiest er vrijwillig voor om deel te nemen aan het reorganisatieproces en krijgt hiervoor de goedkeuring van het direct leidinggevende agentschap, de organisatie of de afdeling;
d) Gedurende twee opeenvolgende jaren direct voorafgaand aan het moment waarop inkrimping wordt overwogen, heeft de ambtenaar, overheidsmedewerker of overheidswerknemer gedurende één jaar de beoordeling 'zijn taken voltooid' en gedurende één jaar de beoordeling 'zijn taken niet voltooid', maar kan hij niet worden toegewezen aan een andere geschikte functie; of in het jaar direct voorafgaand aan of in het jaar waarop inkrimping wordt overwogen, is de prestatiebeoordeling van de persoon 'zijn taken voltooid' of lager, maar kiest de persoon er vrijwillig voor om in te stemmen met inkrimping en wordt dit goedgekeurd door het agentschap, de organisatie of de eenheid die hem direct aanstuurt;
e) Indien de betrokkene gedurende twee opeenvolgende jaren direct voorafgaand aan het moment waarop de personeelsreductie wordt overwogen, in elk van deze jaren het totale aantal dagen afwezigheid van het werk gelijk is aan of hoger is dan het maximum aantal ziektedagen zoals bepaald in artikel 26, lid 1, van de Sociale Verzekeringswet, met bevestiging van de Sociale Verzekeringsinstantie die ziekte-uitkeringen betaalt volgens de geldende wettelijke voorschriften; of indien de betrokkene in het jaar direct voorafgaand aan of in het jaar waarop de personeelsreductie wordt overwogen, het totale aantal dagen afwezigheid van het werk gelijk is aan of hoger is dan het maximum aantal ziektedagen zoals bepaald in artikel 26, lid 1, van de Sociale Verzekeringswet, met bevestiging van de Sociale Verzekeringsinstantie die ziekte-uitkeringen betaalt volgens de geldende wettelijke voorschriften, en de betrokkene vrijwillig deelneemt aan de personeelsreductie en hiervoor de goedkeuring ontvangt van de instantie, organisatie of eenheid die hem of haar direct aanstuurt;
g) Ambtenaren, overheidsmedewerkers en overheidspersoneel met leidinggevende en managementfuncties die hun functie of titel verliezen als gevolg van een organisatorische herstructurering of een reorganisatie van de administratieve eenheid overeenkomstig besluiten van de bevoegde autoriteiten, en die vrijwillig deelnemen aan een personeelsreductie en die worden goedgekeurd door hun direct leidinggevende instantie, organisatie of eenheid;
h) Ambtenaren, overheidsmedewerkers en overheidspersoneel die momenteel onderworpen zijn aan disciplinaire maatregelen, maar niet in die mate dat er sprake is van ontslag of gedwongen beëindiging van het dienstverband volgens de wetgeving die van kracht is op het moment dat de inkrimping wordt overwogen, en die vrijwillig instemmen met de inkrimping, met goedkeuring van hun direct leidinggevende instantie, organisatie of eenheid.
2. Werknemers met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd die professionele taken uitvoeren binnen de lijst van gespecialiseerde en gangbare beroepstitels en -posities in publieke non-profitorganisaties zoals voorgeschreven door de overheid, en die boventallig zijn geworden als gevolg van een organisatorische herstructurering of personeelsreorganisatie van de eenheid zoals besloten door de bevoegde autoriteit.
3. Niet-professioneel personeel op gemeentelijk niveau dat boventallig wordt als gevolg van de reorganisatie van gemeentelijke bestuursorganen, en niet-professioneel personeel op dorps-/buurtniveau dat boventallig wordt als gevolg van de reorganisatie van dorpen/buurten wanneer gemeentelijke bestuursorganen worden gereorganiseerd, moeten binnen 12 maanden na de datum van het reorganisatiebesluit van de bevoegde autoriteit met pensioen gaan.
Beleid voor personeelsreductie
Het decreet beschrijft duidelijk het beleid voor het inkrimpen van het personeelsbestand: beleid voor vervroegde pensionering; beleid voor overplaatsing naar organisaties die geen vast salaris uit de staatsbegroting ontvangen; beleid voor beëindiging van het dienstverband; beleid voor vervroegde pensionering van ambtenaren en overheidsmedewerkers op gemeentelijk niveau die boventallig zijn als gevolg van de reorganisatie van gemeentelijke bestuursorganen, waarbij de pensioenleeftijd ten minste 10 jaar lager ligt en ten minste 5 jaar lager dan de pensioenleeftijd die is vastgesteld in de wet op de sociale zekerheid; beleid voor personeel dat boventallig is als gevolg van de reorganisatie van districts- en gemeentelijke bestuursorganen, dat met pensioen gaat vanaf de datum van het reorganisatiebesluit door de bevoegde autoriteit tot vóór het einde van het reorganisatieproces...
Wat betreft het beleid inzake vervroegde pensionering bepaalt het decreet specifiek het volgende:
1. Personen die te maken hebben met een personeelsreductie en die ten minste 5 jaar jonger zijn en ten minste 2 jaar jonger dan de pensioenleeftijd zoals vastgesteld in Bijlage II van Regeringsbesluit nr. 135/2020/ND-CP van 18 november 2020 betreffende de pensioenleeftijd (Besluit nr. 135/2020/ND-CP), en die ten minste 20 jaar hebben bijgedragen aan de verplichte sociale verzekering, waaronder ten minste 15 jaar werkzaam in zware, gevaarlijke of bijzonder zware en gevaarlijke beroepen of functies zoals vermeld door het Ministerie van Arbeid, Invaliden en Sociale Zaken, of die ten minste 15 jaar hebben gewerkt in gebieden met bijzonder moeilijke sociaaleconomische omstandigheden zoals vermeld door het Ministerie van Arbeid, Invaliden en Sociale Zaken, inclusief de tijd die is besteed aan werkzaamheden in gebieden met een regionale toeslagcoëfficiënt van 0,7 of hoger vóór 1 januari 2021, hebben recht op uitkeringen bovenop hun recht op uitkeringen. Naast de pensioenuitkeringen die zijn vastgelegd in de sociale verzekeringswet, hebben gepensioneerden ook recht op de volgende voordelen:
a) Geen verlaging van het pensioenbedrag als gevolg van vervroegde pensionering;
b) Een subsidie ontvangen die gelijk is aan 3 maanden gemiddeld salaris voor elk jaar vervroegde pensionering in vergelijking met de pensioenleeftijd zoals vastgesteld in Bijlage II van Besluit nr. 135/2020/ND-CP;
c) U ontvangt een subsidie gelijk aan 5 maandsalarissen gedurende de eerste twintig dienstjaren, mits de verplichte sociale premies volledig zijn betaald. Vanaf het eenentwintigste dienstjaar ontvangt u voor elk dienstjaar met verplichte sociale premies een subsidie gelijk aan een half maandsalaris.
2. Personen die te maken hebben met een personeelsreductie en die minstens 5 jaar jonger zijn en minstens 2 jaar jonger dan de pensioenleeftijd zoals vastgelegd in Bijlage I van Decreet nr. 135/2020/ND-CP, en die gedurende 20 jaar of langer premie hebben betaald voor de verplichte sociale verzekering, hebben recht op een pensioen zoals voorgeschreven in artikel 54 van de Sociale Verzekeringswet van 2014 (gewijzigd en aangevuld in 2019). Naast de pensioenuitkeringen zoals voorgeschreven in de Sociale Verzekeringswet, hebben zij ook recht op de volgende uitkeringen:
a) Een subsidie ontvangen die gelijk is aan 3 maanden gemiddeld salaris voor elk jaar vervroegde pensionering in vergelijking met de pensioenleeftijd zoals vastgesteld in Bijlage I van Besluit nr. 135/2020/ND-CP;
b) Recht hebben op de voordelen zoals vermeld in punt a en c van paragraaf 1 hierboven.
3. Personen die te maken hebben met een personeelsreductie en die ten minste twee jaar jonger zijn dan de pensioenleeftijd zoals vastgelegd in Bijlage II van Decreet nr. 135/2020/ND-CP en die ten minste 20 jaar hebben bijgedragen aan de verplichte sociale verzekering, waaronder ten minste 15 jaar werkzaam in zware, gevaarlijke of bijzonder zware en gevaarlijke beroepen of functies zoals vermeld door het Ministerie van Arbeid, Invaliden en Sociale Zaken, of ten minste 15 jaar werkzaam in gebieden met bijzonder moeilijke sociaaleconomische omstandigheden zoals gedefinieerd door het Ministerie van Arbeid, Invaliden en Sociale Zaken, inclusief de tijd die is besteed aan werkzaamheden in gebieden met een regionale toeslagcoëfficiënt van 0,7 of hoger vóór 1 januari 2021, hebben recht op een pensioenuitkering overeenkomstig de wet op de sociale verzekering en hun pensioen zal niet worden verlaagd vanwege vervroegde pensionering.
4. Personen die te maken hebben met een personeelsreductie en die ten minste twee jaar jonger zijn dan de pensioenleeftijd zoals vastgelegd in Bijlage I van Decreet nr. 135/2020/ND-CP en die ten minste 20 jaar (voor vrouwelijke ambtenaren en overheidsmedewerkers op gemeentelijk niveau ten minste 15 jaar) hebben bijgedragen aan de verplichte sociale verzekering, hebben recht op een pensioenuitkering conform de wet op de sociale verzekering en hun pensioen zal niet worden verlaagd vanwege vervroegde pensionering.
5. De doelgroep voor de inkrimping zijn vrouwelijke ambtenaren en overheidsmedewerkers op gemeentelijk niveau die niet ouder zijn dan 5 jaar en niet jonger dan 2 jaar ten opzichte van de pensioenleeftijd zoals vastgelegd in Bijlage I van Decreet nr. 135/2020/ND-CP, en die 15 tot minder dan 20 jaar premie hebben betaald voor de verplichte sociale verzekering. Naast de pensioenuitkering zoals voorgeschreven door de wet op de sociale verzekering, hebben zij ook recht op de volgende voordelen:
a) Geen verlaging van het pensioenbedrag als gevolg van vervroegde pensionering;
b) Recht op een subsidie gelijk aan 5 maanden gemiddeld salaris en secundaire arbeidsvoorwaarden zoals bepaald in punt a, sectie 2.
Wat betreft het beleid inzake overplaatsing naar organisaties die geen vast salaris uit de staatsbegroting ontvangen, bepaalt het decreet het volgende:
1. Personen van wie de functie wordt geschrapt en die overstappen naar organisaties die geen reguliere financiering uit de staatsbegroting ontvangen, hebben recht op de volgende vergoedingen:
a) Een subsidie ontvangen die gelijk is aan 3 maanden van hun huidige salaris;
b) Een subsidie ontvangen die gelijk is aan de helft van het gemiddelde maandsalaris voor elk dienstjaar inclusief verplichte sociale premies.
2. Het in punt 1 hierboven genoemde beleid is niet van toepassing op personen die werkzaam zijn geweest bij een overheidsinstantie die is omgezet in een zelfvoorzienende overheidsinstantie voor lopende uitgaven, of een zelfvoorzienende overheidsinstantie voor zowel lopende als investeringsuitgaven, of bij een onderneming, of die is geprivatiseerd, maar daar nog steeds werkzaam zijn; personen die onderworpen zijn aan een personeelsreductie en die ten minste 3 jaar jonger zijn dan de pensioenleeftijd zoals vastgesteld in Bijlage II van Decreet nr. 135/2020/ND-CP, die ten minste 20 jaar hebben bijgedragen aan de verplichte sociale verzekering, waaronder ten minste 15 jaar werkzaam in zware, gevaarlijke of bijzonder zware, gevaarlijke of risicovolle beroepen of functies zoals vermeld door het Ministerie van Arbeid, Invaliden en Sociale Zaken, of die ten minste 15 jaar hebben gewerkt in gebieden met bijzonder moeilijke sociaaleconomische omstandigheden zoals vermeld door het Ministerie van Arbeid, Invaliden en Sociale Zaken, inclusief de tijd die is gewerkt in gebieden met een regionale toeslagcoëfficiënt van 0,7 of hoger vóór 1 januari 2021; Personen die onderworpen zijn aan een personeelsreductie en die minstens 3 jaar jonger zijn dan de pensioenleeftijd zoals vastgelegd in Bijlage I van Besluit nr. 135/2020/ND-CP, en die gedurende 20 jaar of langer verplichte sociale verzekeringspremies hebben betaald.
Bronlink







Reactie (0)