
Bestaande stedelijke gebieden zijn gebieden die door de bevoegde autoriteiten zijn erkend of geclassificeerd als stedelijke gebieden overeenkomstig de bepalingen van Resolutie nr. 111/2025/UBTVQH15.
Een stedelijk uitbreidingsgebied is een bestaand stedelijk gebied en aangrenzende uitbreidingsgebieden waarvan de grenzen zijn vastgesteld volgens het door de bevoegde autoriteit goedgekeurde stedenbouwkundig masterplan.
Groene stadsontwikkeling omvat het plannen en investeren in stedelijke bouwprojecten om groene groei, groene infrastructuur, groene ruimtes en groene gebouwen te waarborgen, in overeenstemming met de regelgeving en afgestemd op elke regio, elk gebied en elke stad in elke specifieke periode.
Principes van stedelijke ontwikkeling
Het decreet bepaalt dat stedelijke ontwikkeling de volgende principes moet waarborgen:
1. In overeenstemming met de provinciale en stedelijke planning, de stedelijke en landelijke planning op elk planningsniveau, en in overeenstemming met de stedelijke ontwikkelingsprogramma's en -plannen voor elke periode en de specifieke omstandigheden van elke plaats, regio en gebied.
2. Stedelijke ontwikkeling, inclusief stadsvernieuwing, modernisering, uitbreiding en nieuwbouw, moet de nationale defensie en veiligheid waarborgen en voldoen aan de eisen en criteria van groene groei, aanpassing aan klimaatverandering, rampenpreventie en duurzame ontwikkeling zoals vastgelegd in dit decreet en relevante wetgeving; de planning van stedelijke ontwikkeling moet gekoppeld zijn aan de bescherming van waterbronnen, waarbij de handhaving van minimale debieten wordt gewaarborgd en de drempel voor grondwaterwinning, zoals voorgeschreven in de wet op de waterbronnen, niet wordt overschreden.
3. Zorg voor een efficiënte exploitatie en benutting van de grond; pas wetenschap , technologie, innovatie en internationale samenwerking toe op investeringen in stedelijk beheer en ontwikkeling; verbind technische infrastructuur, sociale infrastructuur en digitale infrastructuursystemen synchroon met elkaar om een moderne en beschaafde stedelijke ontwikkeling te waarborgen; stedelijke beoordeling en classificatie worden uitgevoerd in overeenstemming met de bepalingen van Resolutie nr. 111/2025/UBTVQH15 en dit Besluit.
4. Stedelijke ontwikkeling moet voldoen aan de eisen van het behoud en de bescherming van de kenmerkende stedelijke waarden van geschiedenis, traditie, erfgoed en waardevolle architectonische werken; het onderhouden en ontwikkelen van groene ruimten, waterlichamen en natuurlijke landschappen, het beschermen van het milieu, afwateringscorridors, het beschermen van dijken en oeverwallen, en het naleven van de relevante wetgeving; het creëren van een goede leefomgeving voor stadsbewoners en het waarborgen van een harmonieus evenwicht tussen de belangen van de gemeenschap, de staat en investeerders.
5. Afhankelijk van de specifieke omstandigheden van de betreffende plaats, beslist het Volkscomité van de provincie of de inhoud van het stedenbouwkundig plan wordt opgenomen in het stedenbouwkundig programma of dat er een afzonderlijk plan wordt ontwikkeld. Indien het plan wordt opgenomen in het stedenbouwkundig programma, moet het voldoen aan de inhoud en de vereisten zoals vastgelegd in artikel 7 van dit decreet. Indien een afzonderlijk plan wordt ontwikkeld, moet dit voldoen aan de bepalingen van artikel 7 en 8 van dit decreet.
6. Provincies, centraal bestuurde steden en sociaaleconomische regio's bepalen het urbanisatiepercentage in overeenstemming met de wet op de statistische indicatoren van het nationale statistische indicatorstelsel en de bepalingen van Resolutie nr. 111/2025/UBTVQH15.
3 groepen criteria voor groene groei en stedelijke ontwikkeling
Een groen stedelijk groeimodel moet aan de volgende drie groepen criteria voldoen:
1. De criteria voor groene infrastructuur in stedelijke gebieden omvatten: het aandeel openbaar personenvervoer; het aandeel bussen dat op groene energie rijdt; het aandeel privévoertuigen met een lagere uitstoot; aparte fietspaden; het aandeel stedelijke wegen dat gebruikmaakt van energiebesparende apparatuur en technologieën of van hernieuwbare energie voor verlichting; het aandeel van de bevolking dat via een centraal waterleidingnet van schoon water wordt voorzien; en de gemiddelde oppervlakte aan openbaar groen per hoofd van de bevolking.
2. De groep milieucriteria in stedelijke gebieden omvat: de luchtkwaliteitsindex; het percentage huishoudelijk vast afval dat wordt ingezameld, vervoerd en verwerkt volgens technische normen en voorschriften; het percentage huishoudelijk afvalwater dat wordt ingezameld en verwerkt volgens technische normen en voorschriften; het percentage dagen per jaar waarop de concentratie ultrafijnstof en fijnstof in de lucht de toegestane milieutechnische normen overschrijdt.
3. De criteria voor energie- en emissiereductie in stedelijke gebieden omvatten: het aandeel hernieuwbare energie in het totale energieverbruik van de stad; het percentage huishoudens dat zelf opgewekte en verbruikte zonne-energie op het dak gebruikt; en het aantal groene gebouwen.
Stimulansen voor de implementatie van groene stadsontwikkeling die zich aanpast aan de klimaatverandering.
Het decreet schrijft financiële stimulansen en grondtoewijzing voor... om groene stadsontwikkeling te realiseren die is aangepast aan de klimaatverandering.
Financiële stimulansen voor de implementatie van groene stadsontwikkeling die zich aanpast aan de klimaatverandering:
Stedelijke bouwprojecten komen, afhankelijk van hun doel en aard, in aanmerking voor staatsgaranties voor het lenen van investeringskapitaal voor de uitvoering van projecten, mits ze voldoen aan de criteria voor groene groei zoals vastgelegd in dit decreet. Tevens komen ze in aanmerking voor preferentiële leningen van het milieubeschermingsfonds en andere fondsen die zich bezighouden met groene groei en aanpassing aan klimaatverandering, overeenkomstig de reglementen en wettelijke bepalingen van het fonds.
Investeerders in projecten hebben recht op belastingteruggave, belastingaftrek of belastingvrijstellingen en -verminderingen bij investeringen in groene infrastructuur, groene gebouwen, energiebesparende projecten, afvalwaterzuivering en afvalbeheerprojecten, zoals wettelijk is vastgelegd.
Stimulansen met betrekking tot grondtoewijzing en capaciteitsopbouwende training in het beheer van groene stedelijke ontwikkeling en aanpassing aan klimaatverandering:
De provinciale volkscomités geven prioriteit aan de toewijzing van reeds ontgonnen grond volgens de planning om te investeren in groene infrastructuurprojecten en openbare werken die gebruikmaken van schone energie, in overeenstemming met de wet.
De volkscomités op provinciaal en gemeentelijk niveau zijn verantwoordelijk voor de toewijzing van lokale budgetten ter ondersteuning van de opleiding en professionele ontwikkeling van ambtenaren op het gebied van groene stadsontwikkeling en klimaatadaptatie binnen hun respectievelijke gebieden.
Overige stimuleringsmaatregelen zoals vastgelegd in de wet en lokale regelgeving.
Procedures voor het herkennen van stedelijke classificatie
Decreet nr. 35/2026/ND-CP bepaalt de gevallen waarin voorstellen kunnen worden ingediend voor de erkenning van stedelijke classificaties, waaronder: erkenning van stedelijke gebieden van type I, en erkenning van stedelijke gebieden van type II en type III.
Procedure voor het aanvragen van erkenning als stedelijk gebied van type I.
Het provinciale Volkscomité wijst gespecialiseerde instanties binnen de provincie aan om een plan op te stellen voor de erkenning van een stad als stedelijk gebied van type I; indien een adviesbureau wordt ingeschakeld, moet de aanbestedingsprocedure voldoen aan de wettelijke voorschriften voor aanbestedingen.
Het agentschap of de advieseenheid die is aangewezen om het plan voor de erkenning van de stedelijke classificatie op te stellen (de planopstellende eenheid) voert onderzoeken uit en stelt het plan op overeenkomstig de bepalingen van punt c, lid 1, artikel 19 van dit decreet. Indien de planopstellende eenheid niet het Departement van Bouw is, moet een document met de toelichting op het plan ter verificatie aan het Departement van Bouw worden voorgelegd.
Binnen maximaal 5 werkdagen na ontvangst van het projectvoorstel, samen met het document van de projectopsteller, is het Departement van Bouw verantwoordelijk voor het beoordelen, controleren en voorlopig evalueren van de toelichting op het projectvoorstel en het doorsturen ervan voor commentaar naar de Provinciale Politie, het Provinciale Militaire Commando en andere gespecialiseerde afdelingen en instanties van de provincie. Het document dat ter commentaar wordt aangeboden, moet duidelijk aangeven op welke inhoud commentaar nodig is, overeenkomstig de functies en taken van de geraadpleegde instanties. Indien het Departement van Bouw het projectvoorstel opstelt, is het Departement van Bouw verantwoordelijk voor het doorsturen ervan voor commentaar naar de in dit onderdeel genoemde instanties.
Binnen maximaal 5 werkdagen na ontvangst van het verzoek om commentaar van het Ministerie van Bouwzaken, zijn de geraadpleegde instanties verantwoordelijk voor het toesturen van hun commentaar aan het Ministerie van Bouwzaken ter verificatie.
Binnen maximaal 10 werkdagen na ontvangst van de opmerkingen zal het Departement van Bouw het projectvoorstel beoordelen of, indien het het voorstel zelf heeft opgesteld, finaliseren. Indien een adviesbureau het voorstel heeft opgesteld, zal het Departement van Bouw een kennisgeving van de beoordelingsresultaten naar het adviesbureau sturen voor finalisering. Deze kennisgeving moet duidelijk de deadline voor finalisering van het voorstel vermelden en het voorstel ter overweging aan het Departement van Bouw voorleggen alvorens verslag uit te brengen aan het Provinciaal Volkscomité.
Het dossier dat het Departement van Bouwzaken heeft ingediend bij het Provinciaal Volkscomité omvat: een indieningsbrief en verificatierapport, een toelichting op het projectvoorstel en een samenvattende tabel met uitleg en reacties op opmerkingen en suggesties.
Na ontvangst van het voorstel van het Ministerie van Bouwzaken, beoordeelt het Provinciaal Volkscomité het projectvoorstel en dient het dit ter goedkeuring in bij de Provinciale Volksraad. De indiening bij de Provinciale Volksraad omvat: een begeleidende brief van het Provinciaal Volkscomité en een toelichting op het projectvoorstel. De termijn voor indiening en de termijn waarbinnen de Provinciale Volksraad het projectvoorstel moet goedkeuren, worden bepaald volgens de regels van het reglement van de Volksraad.
Binnen maximaal 10 werkdagen na de datum van het besluit van de Provinciale Volksraad waarin het project wordt goedgekeurd, stuurt het Provinciale Volkscomité een set documenten naar het Ministerie van Bouw voor beoordeling en erkenning als een stedelijk gebied van type I.
Binnen maximaal 5 werkdagen na ontvangst van het dossier neemt het Ministerie van Bouw een besluit tot oprichting van een interministeriële beoordelingsraad om de beoordeling van het project te organiseren.
De beoordelingsraad heeft maximaal 30 werkdagen de tijd om de beoordeling uit te voeren en verslag uit te brengen aan het Ministerie van Bouw, te rekenen vanaf de datum van de vaststelling van het besluit tot oprichting van de beoordelingsraad.
Na de beoordeling, inclusief het invullen van eventuele benodigde documentatie (indien vereist), dient de Permanente Commissie van de Beoordelingsraad een rapport samen met het dossier in bij het Ministerie van Bouw.
Binnen maximaal 5 werkdagen na ontvangst van de aanvraag zal de minister van Bouwzaken de aanvraag beoordelen en een besluit nemen waarin de stad wordt erkend als een stedelijk gebied van type I.
Binnen maximaal 15 werkdagen na ontvangst van het besluit van het Ministerie van Bouw waarin de stad wordt erkend als een stedelijk gebied van type I, zal het provinciale Volkscomité de bekendmaking van het besluit tot erkenning van het stedelijk gebied organiseren.
Procedure voor het aanvragen van erkenning als stedelijk gebied van type II of type III.
Het provinciale Volkscomité wijst gespecialiseerde instanties binnen de provincie aan om voorstellen op te stellen voor de erkenning van stedelijke gebieden waarvan de grenzen meer dan één gemeente omvatten, of wijst het gemeentelijk Volkscomité aan om de voorbereiding van voorstellen voor de erkenning van stedelijke gebieden te organiseren in gevallen waarin het erkende stedelijke gebied binnen die ene gemeente valt; indien een adviesbureau wordt ingeschakeld om het voorstel op te stellen, vindt de aanbestedingsprocedure plaats overeenkomstig de aanbestedingswet.
De afdeling die verantwoordelijk is voor het opstellen van het projectvoorstel zal het onderzoek uitvoeren, het voorstel ontwikkelen en het rapport indienen conform de geldende voorschriften.
Als de afdeling die het projectvoorstel opstelt niet het Ministerie van Bouw is, moet deze afdeling, na voltooiing van het conceptvoorstel, dit ter beoordeling naar het Ministerie van Bouw sturen. Het Ministerie van Bouw is verantwoordelijk voor het indienen van haar opmerkingen binnen maximaal 7 werkdagen na ontvangst van het verzoek. De afdeling die het projectvoorstel opstelt, moet het conceptvoorstel vervolgens binnen maximaal 7 werkdagen na ontvangst van de opmerkingen van het Ministerie van Bouw definitief vaststellen.
Binnen maximaal 5 werkdagen na ontvangst van het complete projectvoorstel beoordeelt het Departement van Bouw het dossier; als het dossier aan de eisen voldoet, stuurt het één set documenten ter beoordeling naar het Provinciaal Volkscomité.
Binnen maximaal 5 werkdagen na ontvangst van het projectdossier neemt het Provinciaal Volkscomité een besluit tot oprichting van een interdepartementale beoordelingsraad om de beoordeling van het project te organiseren en wijst het een gespecialiseerd agentschap onder het Provinciaal Volkscomité aan als permanent secretariaat van de raad.
Indien het projectdossier moet worden aangevuld conform het rapport van de beoordelingsraad, dient de projectuitvoerende eenheid het dossier binnen maximaal 10 werkdagen na ontvangst van het beoordelingsrapport aan te vullen en opnieuw in te dienen bij het provinciaal Volkscomité ter overweging en indiening bij de provinciale Volksraad.
Als het project niet voldoet aan de criteria voor stedelijke classificatie, stuurt de beoordelingscommissie een kennisgeving naar het ministerie van Bouw en de projectontwikkelaar, waarin de redenen duidelijk worden vermeld.
Binnen maximaal 10 werkdagen na ontvangst van het dossier door de interdepartementale beoordelingsraad, zal het provinciale Volkscomité het projectvoorstel beoordelen en ter goedkeuring voorleggen aan de provinciale Volksraad. De termijn waarbinnen de provinciale Volksraad het projectvoorstel moet goedkeuren, is conform de regels voor de werking van de Volksraad.
Binnen maximaal 5 werkdagen na de datum van het besluit van de Provinciale Volksraad waarin het plan wordt goedgekeurd, zal de voorzitter van het Provinciale Volkscomité een besluit uitvaardigen waarin de stedelijke classificatie zoals voorgeschreven wordt erkend.
Binnen maximaal 10 werkdagen na de datum van de uitvaardiging van het besluit tot erkenning van de stedelijke classificatie, zal het provinciale Volkscomité de bekendmaking van het besluit organiseren in het gebied waar de stedelijke classificatie is toegekend.
Bron: https://baolaocai.vn/quy-dinh-moi-ve-phan-loai-do-thi-post892121.html






Reactie (0)