Tegelijkertijd wordt het standaardiseren van praktische vaardigheden op elk opleidingsniveau gezien als de basis voor het verbeteren van de kwaliteit, het waarborgen van continuïteit en het beter aansluiten op de behoeften van de arbeidsmarkt.
Praktische behoeften
Begin 2026 tekende Viet-Duc College in Nghe An een samenwerkingsovereenkomst met VinFast Manufacturing and Trading Company Limited voor de uitvoering van een trainingsprogramma voor belangrijke technici. De twee partijen werkten samen aan de ontwikkeling van het curriculum en het onderwijs, waarbij de nadruk lag op de praktijk in de productie. Ze faciliteerden ook stages voor studenten in de echte wereld van de industrie. Daarnaast leverde het bedrijf feedback en actualiseerde het curriculum, met name de modules over elektrische voertuigtechnologie.
De heer Nguyen Huu Hang, de directeur van de school, verklaarde dat deze samenwerking een echte band tussen de school en het bedrijfsleven aantoont gedurende het hele proces van het ontwikkelen van het trainingsprogramma. Hierdoor is de inhoud gestandaardiseerd op basis van technologie en productieprocessen, waardoor het programma nauw aansluit op de behoeften van de arbeidsmarkt.
Naast het ontwikkelen van het curriculum, stelt het bedrijf ook moderne, praktische apparatuur ter beschikking, zoals elektrische auto's en geavanceerde technische systemen. Studenten oefenen direct met demonteren, testen, diagnosticeren en oplossen van problemen onder begeleiding van experts. Volgens de heer Hang helpt dit model leerlingen niet alleen om basiskennis op te doen, maar ook om hun praktische vaardigheden, zelfstandigheid en probleemoplossend vermogen te verbeteren.
Strikte regelgeving met betrekking tot de kwalificaties van beroepsopleiders vormt echter een belemmering. Veel gekwalificeerde professionals in het bedrijfsleven kunnen, ondanks hun hoge expertise, niet deelnemen aan het onderwijs vanwege een gebrek aan pedagogische certificering. Daarom wordt de conceptcirculaire van het Ministerie van Onderwijs en Training, die de normen voor beroepsopleiders reguleert en de focus verlegt van diploma-gebaseerd management naar het beoordelen van praktische competentie, beschouwd als een belangrijke vernieuwing.
De heer Hang is van mening dat een competentiegericht benaderingsmodel geschikt is voor onderwijsinstellingen die autonomie nastreven, omdat het scholen in staat stelt flexibel samen te werken met bedrijven bij de inzet van onderwijspersoneel.
De heer Phan Xuan Dung, directeur van het Hong Lam Economisch en Technisch College, deelde deze mening en benadrukte dat docenten in het beroepsonderwijs niet alleen kennis nodig hebben, maar ook over vaardigheden moeten beschikken en effectief moeten kunnen communiceren.
De heer Dung noemde de culinaire sector als voorbeeld en stelde dat de school graag bekwame koks wil uitnodigen om les te geven, maar dat niet iedereen aan de kwalificatie-eisen voldoet. Strikte naleving van certificeringsnormen zou leiden tot het verlies van hoogwaardig personeel. Het wetsvoorstel, met zijn flexibele mechanisme, zal naar verwachting dit probleem oplossen en de voorwaarden scheppen voor beroepsopleidingen om hun personeelsbestand aan te vullen met experts, ambachtslieden en geschoolde technici.

Flexibel, maar zonder het management te verslappen.
Op de Nghe An Ethnic Boarding Vocational School blijft het lerarentekort een groot probleem. De school heeft momenteel slechts zo'n 30 docenten, terwijl de vraag veel hoger ligt, met name op het gebied van modeontwerp, lassen, diergeneeskunde en elektrotechniek.
Het risico op een "braindrain", waarbij getalenteerde docenten overstappen naar bedrijven met aantrekkelijke salarissen, neemt eveneens toe. In deze context is het uitbreiden van het docentenbestand vanuit het bedrijfsleven een onvermijdelijke trend geworden. De conceptcirculaire biedt docenten de mogelijkheid om hun praktische vaardigheden en communicatieve capaciteiten aan te tonen, zonder dat een onderwijsbevoegdheid vereist is.
De heer Phan Xuan Dung verklaarde dat momenteel ongeveer 70% van het onderwijzend personeel bestaat uit voltijddocenten, terwijl de rest gastdocenten zijn. Om de kwaliteit te waarborgen, werkt de school samen met gepensioneerde docenten en leraren van gerenommeerde universiteiten en hogescholen. De eisen voor integratie volgens ASEAN- en internationale normen vormen echter een grote uitdaging met betrekking tot vreemde talen, terwijl veel beroepsdocenten in de regio nog steeds beperkte vaardigheden op dit gebied hebben.
Het ontwerp hanteert een open benadering van pedagogische competentie en past niet strikt de normen van voltijdse docenten toe. Beroepsdocenten hoeven mogelijk geen onderwijsbevoegdheid te hebben, maar moeten wel praktische vaardigheden, begeleidingscapaciteiten en communicatieve vaardigheden aantonen. Deze aanpak waarborgt de kwaliteit en trekt tegelijkertijd praktijkdeskundigen aan om deel te nemen aan het onderwijs.
De heer Nguyen Huu Hang is van mening dat beroepsopleidingsinstellingen autonomie moeten krijgen bij het evalueren en erkennen van beroepsdocenten op basis van nationale beroepsvaardigheidscertificaten, anciënniteit, functie en opleidingscapaciteit. Volgens hem werkt de school samen met veel bedrijven op het gebied van opleidingen en organiseert ze zelfs eindexamens in de productiewerkplaatsen. De deelname van bedrijven helpt studenten toegang te krijgen tot nieuwe technologieën, industriële werkmethoden te ontwikkelen en hun praktische vaardigheden te verbeteren.
De heer Hang erkende echter ook openlijk dat de betrokkenheid van het bedrijfsleven niet echt diepgaand is geweest. "In werkelijkheid werven bedrijven geschoolde werknemers van scholen, maar leveren ze geen evenredige bijdrage aan het opleidingsproces. Er moet een bindend mechanisme komen: bedrijven die willen werven, moeten daadwerkelijk deelnemen aan het opleidingsprogramma, van faciliteiten en apparatuur tot het team van deskundige instructeurs," stelde hij voor.
De directeur van Viet-Duc College is van mening dat het versoepelen van de normen voor beroepsopleidingen niet betekent dat het management minder streng wordt, maar juist dat er strengere kwaliteitscontroles nodig zijn. Een belangrijk punt in het ontwerp is het duidelijk definiëren van de praktische vaardigheden voor elk opleidingsniveau, van basisschool tot universiteit, en daarmee het vaststellen van transparante normen voor de resultaten.
Elk niveau kent dan ook specifieke vaardigheidseisen, variërend van het uitvoeren van basishandelingen en het werken volgens procedures tot het omgaan met situaties en het bijhouden van nieuwe technologieën. Op hogere niveaus moeten cursisten zelfstandig kunnen werken, taken kunnen organiseren en anderen kunnen begeleiden. Deze standaardisatie draagt bij aan de verbetering van de kwaliteit van de opleiding en vergemakkelijkt de doorstroom tussen de verschillende niveaus.
Deskundigen suggereren dat het nodig is om gedetailleerde competentiekaders voor elke branche en elk beroep te ontwikkelen als basis voor een uniforme beoordeling. Tegelijkertijd stellen ze voor om een tijdsgebonden mechanisme in te voeren voor de erkenning van onderwijscompetenties, waarbij docenten verplicht worden hun kennis van technologie en productiepraktijken regelmatig bij te werken.
Volgens een rapport uit de provincie Nghe An zullen er in 2025 meer dan 2.100 leraren werkzaam zijn in het beroepsonderwijs in de provincie, waarmee 84,3% van de doelstelling wordt bereikt. Om aan de opleidingsbehoeften te voldoen, hebben de instellingen proactief maatregelen genomen en de voorwaarden gecreëerd voor een deel van de leraren om zich om te scholen naar een ander beroep. Tegelijkertijd werken ze samen met deskundigen, gepensioneerde leraren en hooggekwalificeerde vakmensen die geschikt zijn om les te geven.
Bron: https://giaoducthoidai.vn/quy-dinh-tieu-chuan-nguoi-day-nghe-go-nut-that-bang-cap-post775351.html







Reactie (0)