
De regering heeft zojuist decreet 94/2026/ND-CP uitgevaardigd, waarin de activiteiten rondom rijopleiding en -examens worden geregeld. Dit decreet treedt in werking op 1 juli 2026.
Volgens het decreet zijn de voorwaarden voor het aanbieden van rijopleidingen strenger gereguleerd. Opleidingscentra moeten bedrijven, coöperaties of onderwijsinstellingen zijn met voldoende personeel; de directeur moet minimaal een hbo-diploma hebben. Rijinstructeurs moeten voldoen aan professionele normen, een beroepsdiploma of hoger in bijvoorbeeld autotechniek of rechten bezitten, en een lesbevoegdheid hebben zoals voorgeschreven.
Procedure voor het afgeven van rijinstructeurscertificaten
a) Training in professionele vaardigheden voor rijinstructeurs.
Personen die voor het eerst een rijinstructeurscertificaat willen behalen, dienen zich in te schrijven bij een rijschool.
Rijscholen moeten de opleiding organiseren volgens het opleidingsprogramma voor professionele vaardigheden van rijinstructeurs zoals voorgeschreven in Bijlage II bij dit Besluit en ervoor zorgen dat de normen en vereiste documenten voor deelnemers aan de opleiding worden nageleefd zoals voorgeschreven in Artikel 10, lid 2 en lid 1 van dit artikel van dit Besluit;
De opleidingsinstelling moet uiterlijk twee werkdagen na afloop van het opleidingsprogramma een schriftelijk verzoek indienen voor het afnemen van het examen en het uitreiken van de instructeurscertificaten.
b) Examen en beoordeling voor het afgeven van certificaten aan rijinstructeurs
Binnen maximaal twee werkdagen na afloop van het trainingsprogramma dient de opleidingsinstelling een schriftelijk verzoek tot examen en afgifte van een certificaat voor rijinstructeurs in te dienen, met gebruikmaking van het formulier in bijlage V bij dit decreet, samen met de dossiers van de personen die aan de training hebben deelgenomen zoals bepaald in lid 1 van dit artikel, bij het provinciale of gemeentelijke openbare bestuurscentrum. Dit verzoek kan per aangetekende post, via de post of via het nationale openbare dienstportaal worden ingediend.
De bevoegde instantie die rijinstructeurscertificaten afgeeft, ontvangt de door de rijschool opgestelde lijst en het dossier van de betreffende persoon. Indien het dossier onvolledig of onjuist is, dient binnen maximaal 2 werkdagen (inclusief de tijd voor elektronische verificatie van de rijbewijsgegevens) een schriftelijk verzoek tot aanvulling van het dossier te worden ingediend bij de rijschool, met vermelding van de inhoud en de redenen hiervoor. Indien het dossier volledig en correct is, dient binnen maximaal 3 werkdagen (inclusief de tijd voor elektronische verificatie van de rijbewijsgegevens) een examen en evaluatie plaats te vinden volgens de procedures zoals beschreven in Bijlage II bij dit Besluit.
Certificaten voor rijinstructeurs worden binnen maximaal 2 werkdagen afgegeven.
Indien een kandidaat niet slaagt voor het examen, moet de bevoegde instantie die het rijinstructeurscertificaat afgeeft de resultaten publiceren in het informatiesysteem voor de verwerking van administratieve procedures op provinciaal en gemeentelijk niveau.
Indien een persoon slaagt voor het examen, zal de bevoegde autoriteit binnen maximaal twee werkdagen het certificaat voor rijinstructeur afgeven en dit in het register registreren volgens het formulier voorgeschreven in Bijlage VI bij dit Besluit.
De resultaten van administratieve procedures worden elektronisch aangeleverd, met dezelfde rechtsgeldigheid als papieren exemplaren, via een van de volgende methoden: via VNeiD, het Nationaal Portaal voor Overheidsdiensten, het informatiesysteem voor de afhandeling van administratieve procedures op provinciaal of gemeentelijk niveau; indien personen een papieren exemplaar wensen, wordt dit als aanvulling verstrekt.
Wat de faciliteiten betreft, moeten opleidingscentra ervoor zorgen dat gespecialiseerde leslokalen en leslokalen voor autotechniek voldoen aan de vereiste normen op het gebied van oppervlakte en uitrusting. Lesvoertuigen moeten geschikt zijn voor de betreffende rijopleiding en uitgerust zijn met apparatuur om de tijd en afstand van de leerling tijdens de oefeningen te registreren. Rij- en oefenterreinen moeten voldoen aan de eisen met betrekking tot oppervlakte, signalering en oefeningen volgens de nationale technische normen.
Het decreet staat met name diversificatie van de opleidingsmethoden toe. Kandidaten kunnen zelfstudie doen voor de theoretische onderwerpen bij het afleggen van de A1-, A- en B1-rijbewijsexamens. Voor andere voertuigcategorieën kan bepaalde inhoud, zoals verkeerswetgeving, ethiek en verkeerscultuur, op afstand of via begeleide zelfstudie worden aangeboden. Kandidaten moeten zich echter nog steeds inschrijven bij een opleidingsinstituut om volgens de geldende voorschriften te worden begeleid.
Het decreet bevordert ook de toepassing van digitale technologie in het beheer. Administratieve procedures zoals het afgeven van lerarencertificaten, rijbewijzen voor schoolvoertuigen en opleidingslicenties worden elektronisch afgehandeld via platforms zoals VNeID of het Nationaal Portaal voor Overheidsdiensten. Bewakingscamera's op examenlocaties en gegevens van voertuigvolgsystemen (DAT's) zijn rechtstreeks gekoppeld aan de beheerinstantie, wat bijdraagt aan transparantie en openheid.
Voor rijexamenlocaties schrijft het decreet duidelijk een classificatie voor op basis van omvang, oppervlakte en infrastructuurvereisten. De locaties moeten goed bereikbaar zijn met het openbaar vervoer, beschikken over stabiele communicatiesystemen zonder elektromagnetische interferentie en complete ondersteunende faciliteiten hebben.
De nacontrole is aangescherpt, met specifieke regels voor gevallen waarin lerarencertificaten, rijbewijzen voor schoolvoertuigen en opleidingslicenties worden ingetrokken bij constatering van frauduleus gedrag, vervalsing van documenten of het niet voldoen aan de vereiste bedrijfsomstandigheden.
Om een gecoördineerde uitvoering te garanderen, wijst de regering het Ministerie van Openbare Veiligheid aan voor het uniform beheren van de rijbewijstesten, het organiseren van inspecties en het afhandelen van overtredingen; het Ministerie van Bouw is verantwoordelijk voor de rijopleidingen en het vaststellen van de relevante normen voor apparatuur en opleidingsfaciliteiten. De Volkscomités van de provincies en steden zijn verantwoordelijk voor het versterken van de inspecties en het openbaar maken van de lijst met erkende faciliteiten in hun gebied.
Bron: https://baoninhbinh.org.vn/tu-172026-dao-tao-lai-xe-se-thay-doi-the-nao-260422093316910.html







Reactie (0)