DNVN - De uitvaardiging van decreet 100/2024/ND-CP door de regering , gedateerd 29 juli, waarin enkele bepalingen van de Wet op de Woningbouw met betrekking tot de ontwikkeling en het beheer van sociale woningbouw nader worden toegelicht, is een belangrijke stap die een nieuwe impuls geeft aan de revitalisering van sociale woningbouw.
Volgens de heer Nguyen Van Dinh, voorzitter van de Vietnamese Vereniging van Makelaars (VARS), is het decreet 100/2024/ND-CP van de regering, gedateerd 29 juli, waarin enkele bepalingen van de Wet op de Woningbouw met betrekking tot de ontwikkeling en het beheer van sociale woningbouw nader worden toegelicht, een belangrijke stap die een nieuwe impuls geeft aan de revitalisering van sociale woningbouw.
Decreet 100/2024/ND-CP bevat gedetailleerde voorschriften voor clausule 2, artikel 83 van de Woningwet 2023. Het dient als leidraad voor de provinciale volkscomités bij de beslissing of de investeerder van een commercieel woningbouwproject een deel van het terrein binnen het project, waar de technische infrastructuur reeds is aangelegd, moet bestemmen voor de bouw van sociale woningen. Als alternatief kunnen zij grond voor sociale woningen met reeds aangelegde technische infrastructuur bestemmen op een locatie buiten het gebied van het commerciële woningbouwproject in dat stedelijk gebied.
De wet bepaalt tevens dat investeerders een bedrag kunnen betalen dat gelijk is aan de waarde van de grond die reeds is gebruikt voor de aanleg van technische infrastructuur voor de bouw van sociale woningen in speciale steden van type I, type II en type III, op basis van overheidsvoorschriften om een vlotte uitvoering te garanderen. De procedures voor investeringen in sociale woningbouwprojecten zijn ook aanzienlijk vereenvoudigd, waardoor investeerders tijd en kosten besparen.
Clausule 2 van artikel 22 van het decreet specificeert de componenten van de totale investeringskosten voor de bouw van sociale woningbouwgebieden. Dit dient als basis voor de berekening van de maximale winstmarge van 10% van de totale investeringskosten voor de bouw van sociale woningbouwgebieden, zoals vastgelegd in de Woningwet van 2023.
Tegelijkertijd kan de projectontwikkelaar ook extra winst behalen uit het gebied dat bestemd is voor commerciële diensten, voorzieningen en woongebouwen – tot maximaal 20% van de totale woonoppervlakte binnen het project waar de technische infrastructuur reeds is aangelegd.
Wat betreft de selectie van investeerders voor sociale woningbouwprojecten via aanbesteding, bepaalt artikel 21, lid 5, van het decreet duidelijk de evaluatiecriteria voor de capaciteit en ervaring van investeerders die sociale woningbouwprojecten uitvoeren.
Naast regelgeving die investeringen in de sociale woningbouwsector stimuleert, specificeert decreet 100/2024/ND-CP ook de voorwaarden voor het ontvangen van sociale woningbouwsubsidies, waardoor het voor mensen met een legitieme behoefte gemakkelijker wordt om toegang te krijgen tot dit type huisvesting.
Wat betreft de voorwaarden voor het in aanmerking komen voor sociale woningbouw, bepaalt artikel 29, lid 1, dat er sprake is van het niet bezitten van een woning wanneer de persoon genoemd in artikel 77, lid 1, van de Woningwet en diens partner (indien van toepassing) niet vermeld staan in het gebruiksrechtbewijs of het eigendomsbewijs van de aan de grond verbonden activa in de provincie of centraal bestuurde stad waar het sociale woningbouwproject zich bevindt op het moment van indiening van de aanvraag voor koop of huurkoop.
Dit betekent dat de personen genoemd in de paragrafen 1, 4, 5, 6, 8, 9 en 10 van artikel 76 van de Woningwet, die nog geen eigen woning bezitten in de provincie of centraal bestuurde stad waar het sociale woningbouwproject zich bevindt, in aanmerking komen voor koop, huurkoop en lease.
Hierdoor hoeven mensen die een sociale huurwoning nodig hebben en in meergeneratiegezinnen wonen, geen tijd meer te besteden aan het splitsen van hun bevolkingsregistratie om een overheidsbevestiging te verkrijgen dat ze geen eigen huis bezitten. Het staatsagentschap heeft hiermee ook een wettelijke basis om dit te implementeren en neemt de terughoudendheid en angst voor verantwoordelijkheid bij lokale ambtenaren weg om het woningbezit van mensen te bevestigen.
Decreet 100/2024/ND-CP sluit aan bij de verwachtingen van bedrijven en burgers, met name diegenen met een gemiddeld inkomen die belasting betalen aan de staat.
Bovendien bepaalt het decreet ook de termijn waarbinnen de bevoegde autoriteiten de informatie over woningbezit en inkomenssituatie van aanvragers moeten verifiëren. Dit beantwoordt de vraag "wanneer is deze verificatie beschikbaar voor burgers?".
Concreet moet het kadaster of een filiaal daarvan binnen 7 dagen controleren of de aanvrager geen eigen woning bezit en niet is ingeschreven in de eigendomsakte van de gemeente waar het sociale woningbouwproject zich bevindt. Ook binnen 7 dagen controleert het gemeentelijk volkscomité of de investeerder voldoet aan de inkomenseisen voor de aankoop of huurkoop van een sociale woning.
Ontwikkelaars van sociale woningbouwprojecten zijn niet langer verplicht om 20% van het oppervlak te reserveren voor verhuur, met de optie om het pand pas na 5 jaar te verkopen. Dit is een aanzienlijke verlichting, omdat de huurprijzen, die momenteel openbaar beschikbaar zijn op informatieportalen, nog steeds hoger liggen dan de prijzen die mensen betalen voor het zelf verhuren van hun woning, om nog maar te zwijgen van de complexe juridische procedures die daarbij komen kijken.
Of er nu gekocht of gehuurd wordt, moet aan de markt worden overgelaten. Dit zal investeerders meer vertrouwen geven in de ontwikkeling van sociale woningbouw.
Decreet 100/2024/ND-CP bepaalt tevens dat voor de in clausules 5, 6 en 8 van artikel 76 van de Woningwet genoemde personen aan inkomenseisen moet worden voldaan. Dientengevolge zijn de inkomenseisen voor het ontvangen van sociale woningbouwsubsidies officieel "versoepeld".
Werknemers met een inkomen van maximaal 15 miljoen VND komen in aanmerking voor de aankoop, huur of lease-to-own van een sociale huurwoning, in plaats van het vorige maximum van 11 miljoen VND. Voor echtparen geldt dat het gezamenlijke maandinkomen maximaal 30 miljoen VND mag bedragen.
"Wij zijn van mening dat deze nieuwe regelgeving 'redelijk en eerlijk' is en aansluit bij de verwachtingen van bedrijven en burgers, met name diegenen met een gemiddeld inkomen die belasting betalen aan de staat," bevestigde de voorzitter van VARS.
Ha Anh
Bron: https://doanhnghiepvn.vn/kinh-te/bat-dong-san/dong-luc-moi-giup-khoi-thong-nha-o-xa-hoi/20240804110501368








Reactie (0)